Ik ben verhuisd

30 augustus 2014

verhuizen 

Nee ik niet, maar mijn blog is verhuisd. Het is verhuisd van WordPress.com naar mijn eigen site. En voor de mensen die mij niet op Twitter volgen is dat misschien een verrassing, want die hebben sinds maart waarschijnlijk niks meer van mij gehoord. Terwijl ik op mijn nieuwe site toch echt wel wat geschreven heb. Nog niet heel veel, want op de een of andere manier had ik de afgelopen maanden niet zoveel inspiratie. Waarschijnlijk omdat de site maar half af was. Ik vond het toch allemaal wat ingewikkelder dan ik dacht, of anders gezegd: ik had niet veel zin om me in de achtergronden van mijn nieuwe site te verdiepen.

De belangrijkste reden om over te stappen was dat ik me steeds meer ging storen aan de advertenties op mijn blog. Het duurde even voordat ik door had dat die op mijn blog stonden, want je ziet ze zelf niet. Ik snap het ook wel, want het blog is gratis en WordPress moet zijn geld toch ergens mee verdienen. Maar ik vond het wel irritant. En ook niet erg professioneel, zeker niet als ik mijn blog als visitekaartje voor mijn zzp-werk wil gebruiken. De domeinnaam Tenaanval.nl had ik al een paar jaar, die had ik gekoppeld aan het blog maar nu zit er dus een hele site achter. Waar mijn columns voor het Bibliotheekblad hun eigen pagina hebben en de recensies die ik heb geschreven ook. Die recensies moet ik overigens nog uploaden, maar dat gaat binnenkort gebeuren. Ik heb me eerst bezig gehouden met het aankleden van de site, en daar had ik dus niet zo’n zin in dus dat is even blijven liggen. Een van de redenen waarom ik zo lang gewacht heb met het melden van de verhuizing is dat ik op mijn nieuwe site nog geen mogelijkheid had om je aan te melden via de mail. En ik weet dat mijn blog door veel mensen wordt gelezen via een email-attendering. Maar die mogelijkheid is er nu dus wel. Helaas kan ik de abonnees niet zelf verhuizen, dus als je mijn nieuwe site wil volgen zul je je opnieuw moeten aanmelden. In de balk aan de rechterkant van mijn nieuwe site zit een knop. Sorry…

Dit bericht ga dubbelplaatsen: hier, op mijn oude blog, en op mijn nieuwe site. Maar dat is dan ook het laatste wat ik hier plaats, hier ben ik nu echt klaar. Het enige dat ik nog moet uitzoeken is hoe ik alle links van hier naar mijn nieuwe site moet doorlinken. Want aan de statistieken te zien heb ik hier nog steeds bezoekers: meer dan 100.000 bezoekers heb ik er gehad. Mooi. Op mijn nieuwe site heb ik pas sinds een week een tellertje staan en die staat nu op 236 bezoekers, dus ik heb nog een lange weg te gaan….

Dus voor al die mensen die de afgelopen maanden aan me hebben gevraagd: “waarom ben je zo stil de laatste tijd, heb je geen inspiratie meer?”: ik ben verhuisd. Volg me via mijn nieuwe site en je zult zien dat ik nog inspiratie genoeg heb.

Ja, dit is er weer een. Een reclamecampagne waar je blij van wordt.

Hartje winter in Canada. Polar Vortex. Het is min 25 en je staat op de bus te wachten. Maar gelukkig sta je in een bushokje dat is omgebouwd door Duracell. Zodat je alleen maar de hand van een mede koulijder hoeft vast te houden om het circuit tussen de negatieve en de positieve pool van de constructie compleet te maken waardoor er een kacheltje aangaat.

Jammer genoeg vertelt het verhaal niet hoe veel gebruik hier van is gemaakt: wilden mensen elkaars hand wel vasthouden? En wat als je buurman nou net een lelijke, stinkende zwerver is? Geef je die ook een hand? En zijn hier nog mooie nieuwe vriendschappen uit ontstaan? Uit dit handen-vasthouden-van-een-vreemdeling? Ben ik eigenlijk wel benieuwd naar.

De link met bibliotheken leggen jullie zelf wel he? Over een plek die je warmte en menselijk contact biedt in barre tijden. Die je beschermt tegen de elementen. En die je helpt jezelf te helpen.

plazaNee, geen verslag van bibliotheekplaza, de mensen die een verslag zoeken verwijs ik graag naar Mark Deckers die gedurende de dag weer een prima liveblog heeft bijgehouden waar de verschillende presentaties volgens mij goed op te volgen zijn. Respect! Ik zou het niet kunnen, luisteren en bloggen tegelijkertijd.

Ik wil hier even kort terugkomen op bibliotheekplaza omdat het me zo verbaasde dat de zaal niet vol zat. Wat was daar de reden voor? Er was afgelopen jaar geen Bibliotheek tweedaagse, dus van keuzestress kan geen sprake zijn. Bezuinigingen? Volgens mij ben je volgens de CAO nog steeds verplicht om 2% van je personeelsbudget te besteden aan scholing. Of wordt al dat geld besteed aan cursussen klantcontacten? Lag het soms aan het programma? Was dat niet interessant genoeg? OK, Mikpunten of mist is misschien een beetje een ongelukkig titel, zoals Mark al uitlegde (of je nou het mikpunt bent of in de mist rondloopt, je bent in beide gevallen de pineut) maar ik vraag me af hoeveel mensen zich bewust waren van die titel voordat ze in die grote zaal van de Meervaart plaatsnamen en hem levensgroot geprojecteerd zagen. Het thema was toch interessant? Hebben we één stip aan de horizon nodig voor het werk van Openbare Bibliotheken? Of kunnen we voort met meerdere visies? Want hoe verhoudt de landelijke visie zich tot de lokale realiteit. Aan de sprekers kan het ook niet gelegen hebben lijkt me: maar liefst twee futurologen, het hoofd communicatie van Microsoft, schrijver F. Thomése en een bedrijfsverloskundige. Ja ok, dat laatste klinkt misschien een beetje vreemd, maar het was ook beetje een vreemde presentatie. Zeer entertainend, dat wel.

Had de niet volle zaal misschien te maken met de behoefte van mensen uit de branche aan duidelijkheid? Aan concrete, toepasbare dingen? Maar daar zijn de kenniscirkels voor, daar worden ervaringen uitgewisseld en praktische tips gedeeld. Je moet je horizon toch ook af en toe verbreden, toch ook af en toe eens verhalen horen die je nog niet kent, je af en toe laten verrassen. Maar goed, daar heb ik me al eens eerder kwaad over gemaakt, over die inertie als het gaat om studiedagen en de bereidheid om in het onbekende te stappen.

Ik vond niet alle presentaties even goed, maar na de fantastische opening van F. Thomése kon de dag voor mij eigenlijk al niet meer stuk. En aan degenen die het nodig vonden om meewarig te twitteren over zijn lezing: het is literatuur! Hij bedoelt dat niet allemaal letterlijk. Dat heet humor! En kunst! Ik vond het een schitterend verhaal, ik hoop dat dat ergens gepubliceerd gaat worden. In Bibliotheekblad misschien?

Wat ik wel jammer vond was dat er niet echt een link gelegd werd tussen de verschillende lezingen. Jacobine Geel was een zeer professionele dagvoorzitter die erg haar best deed om discussie met de zaal op te wekken. Iets te veel haar best zelfs wat mij betreft, soms is een verhaal gewoon duidelijk. Maar wat ontbrak was een overkoepelend verhaal, iets dat de hele dag bij elkaar bond. Nu bleef het een beetje los zand. Heel flauw ook dat ze met dat verhaal aankwam dat de meest gestelde vraag in openbare bibliotheken is waar het toilet is. Dat was het argument van Stef van Breughel om de hbo-functie uit de directe dienstverlening te halen. Ergens in 1821 of zo. Dat was toen volgens mij al niet helemaal waar en nu al helemaal niet meer. Het is een hele flauwe opmerking , bedoeld om meewarig te doen over het “handwerk” in de uitlening. Daarom vind ik het erg geestig dat Richard Watson op zijn blog juist die opmerking noemt als hij het over zijn optreden op plaza heeft en dat een hele legitieme vraag vindt. En een prima gebruik van de bibliotheek.

Ik hoop dat ProBiblio zich door de tanende belangstelling niet laat weerhouden om de bibliotheekplaza traditie voort te zetten. Een thema voor volgend jaar hebben we al.

Prachtig vak

12 maart 2014

“Ok, dan ga je vanaf nu dus alleen nog maar positieve dingen schrijven op dat blog van je” zei een goede vriendin van me, toen ze hoorde dat ik genomineerd was voor de titel van Beste bibliothecaris van het jaar. “Want jou kennende zul je daar wel kritisch zijn en daar houden mensen niet van. Dus als je die verkiezing wil winnen stop je daar nu onmiddellijk mee.” Die vriendin is een van de betere communicatieadviseurs van ons land dus hield ik me de weken daarna maar een beetje op de vlakte bij het schrijven. Totdat een andere vriendin opmerkte dat ze m’n blog zo mat vond de laatste tijd. Dat leek me een teken om maar weer normaal te gaan doen.

Eigenlijk zag ik het probleem niet zo, ik vind mezelf niet zo kritisch. Ik heb alleen een uitgesproken mening over mijn eigen vak. Helemaal niet zo’n bijzondere mening volgens mij.

Ik vind dat openbare bibliotheken moeten doen waar ze ooit voor zijn opgericht: het helpen van mensen zichzelf te helpen. Door het beschikbaar stellen van informatie en literatuur en door te zorgen dat mensen daar gebruik van kunnen maken. En dan wil ik best discussiëren over wat we precies verstaan onder informatie of over de definitie van beschikbaar stellen of over hoe ver je moet gaan bij het helpen van mensen. Maar het helpen van mensen is het belangrijkste, daar gaat bibliotheekwerk over. Niet over rekenschema’s, product marktcombinaties, retail, e-books, digitalisering of marketingcampagnes. Allemaal zeker niet onbelangrijk, maar wel ondersteunend aan het doel van de bibliotheek. En op dat doel moet al onze energie gericht zijn. Daar heb je bevlogen mensen voor nodig, mensen die vinden dat bibliotheken er toe doen en die daar een bijdrage aan willen leveren. Geen mensen die rust zoeken en routinematig hun uurtjes draaien maar ook geen mensen die het werken voor een bibliotheek als een leuk opstapje op hun cv zien. En zeker geen mensen die vinden dat zij de aangewezen persoon zijn om die achterlijke bibliotheken de 21e eeuw in te sleuren en dat met veel aplomb verkondigen.

Mensen die in een openbare bibliotheek werken zijn vaak erg bescheiden. Niks mis mee, maar je kunt ook te bescheiden zijn. Iets meer zelfverzekerdheid en beroepstrots zou af en toe geen kwaad kunnen. Want we hebben een prachtig vak: we helpen mensen zichzelf te helpen.

Deze tekst is eerder verschenen als column in Bibliotheekblad  nr 2, februari 2014

Na een drietal tentoonstellingen in samenwerking met het Nederlands Letterenfonds over Nederlandse literatuur in vertaling is er nu een tentoonstelling in de Airport Library over Rietveld. Althans: het is een tentoonstelling over een andere tentoonstelling. Een tentoonstelling van Harry Hoek, die zo geïnteresseerd raakte in de meubels van Rietveld dat hij ze nabouwde. In dezelfde techniek en met hetzelfde materiaal als Rietveld maar dan op een schaal van 1:3. Hij bouwde in totaal honderd verschillende meubels na en maakte daar een tentoonstelling van. Heel interessant voor de Airport Library, want het geeft een mooi overzicht van beroemd “Dutch design” maar helaas hebben we niet genoeg ruimte voor zoveel vitrines. Daarom hebben we nu alleen een selectie van die honderd meubels op Schiphol staan. Samen met schaalmodellen van de originele tentoonstelling. Een schaalmodel van schaalmodellen dus.

DSC01993

Ik vind het zelf ontzettend schattig, al die iniemini meubeltjes maar het is toch jammer dat ik het origineel nooit gezien heb. In de Airport Library is een foto presentatie te zien van de tentoonstelling zoals hij in de bibliotheek van de TU Delft te zien was. Daar hadden ze de tentoonstelling aangevuld met meubels uit de eigen collectie van de universiteit. Ook heel interessant. Het filmpje hierboven is gemaakt door Schiphol TV. Het geeft een indruk van de tentoonstelling en van het enthousiasme van de maker Harry Hoek.

De originele tentoonstelling is nog steeds te huur, als je er ruimte voor hebt zou ik het zeker doen. Deze is nog te zien op Schiphol tot begin mei.

Een klassieker

2 maart 2014

Het is carnaval. Vandaag begint het echt.

Ik zit de komende drie dagen niet in Limburg want ik sla een jaartje over. Maar helemaal niks doen kan natuurlijk niet, vandaar dit filmpje over een echte carnavalsklassieker. Nee, niks “paard in de gang” en het gaat ook niet over bier en zuipen. Het is een hele bijzondere uitvoering en ik vind het prachtig. En jullie kennen hem allemaal, wacht maar even totdat Huub Stapel gaat zingen….

Het begint een beetje op een kettingbrief te lijken, of op Zwaan-kleef-aan, maar ik kan de uitdaging niet weerstaan om toch nog even te reageren op de blogs van Schrijverdezes en Jeroen over laaggeletterden en bibliotheken. Hoe zat het ook alweer? Schrijverdezes schreef twee weken geleden een stukje over het bibliotheekitem in het NCRV programma Altijd wat. Op dat stuk heb ik gereageerd op dit blog en naar aanleiding daarvan hebben zowel Schrijverdezes als Jeroen de Boer een nieuw stuk geschreven.

In grote lijnen zijn we het met elkaar eens. We vinden alledrie dat bibliotheekdirecteuren moeten ophouden met roepen dat bibliotheken zo belangrijk zijn bij het bestrijden van laaggeletterdheid als hun bibliotheek niks doet om laaggeletterdheid ook daadwerkelijk te bestrijden. In het vervolg daarop en in de nuances verschillen we van elkaar. Daarbij spelen de volgende argumenten een rol:

- “bibliotheken bestrijden helemaal geen laaggeletterdheid, dat doet het onderwijs”. Dat is ook zo, bibliothecarissen geven geen les dat doen docenten. Bibliotheken zijn wel een belangrijke steun in het proces. Bibliotheken leren kinderen ook niet lezen, dat leren ze op school. Bibliotheken kunnen er wel voor zorgen dat kinderen leeskilometers maken, onmisbaar bij het versterken van leesvaardigheden. Datzelfde geldt voor laaggeletterden: de meeste laaggeletterden kunnen best (een beetje) lezen, ze missen alleen de ervaring en de routine. Daar kan de bibliotheek bij helpen.

- “Makkelijk Lezen Pleinen benadrukken wat mensen niet kunnen, je moet focussen op wat ze wel kunnen”, dat is een staaltje Bruijnzeels-retoriek die de bodem onder het hele onderwijs uittrekt dus dat vind ik geen valide argument. De Makkelijk Lezen Pleinen en Lees & Schrijf pleinen hebben zichzelf overal al lang bewezen: kinderen en volwassenen hebben daar blijkbaar helemaal geen moeite mee, met een speciaal plankje.

- “Bibliotheken doen niks actiefs aan het bestrijden van laaggeletterdheid”. Nou, sommige bibliotheken doen er niks aan. Die directeuren moeten dus vooral ook ophouden met zeggen dat het zo belangrijk is. Maar kijk even naar bovenstaand filmpje van Taal voor het Leven, vanaf minuut 1.37. Is dit een bibliothecaresse? Nee. Hadden ze dit ook ergens kunnen organiseren? Waarschijnlijk wel, maar dat het in de bibliotheek plaats vindt zorgt wel degelijk voor meerwaarde. Al is het maar omdat het voor die cursisten makkelijker is om te zeggen dat ze naar de bibliotheek gaan dan dat ze naar het buurthuis gaan.

- En dat buurthuis brengt me bij een heel ander argument dat ik bij deze dan maar even aandraag: natuurlijk zijn er heleboel instanties/scholen/clubjes die veel beter geschikt zouden zijn om “iets” met laaggeletterden te doen. In een ideale wereld. Maar een heleboel van die clubs zijn inmiddels opgeheven, wegbezuinigd of gereorganiseerd en houden zich nu met andere dingen bezig. Inburgeraars zijn verplicht om Nederlands te leren maar ze moeten die opleiding sinds kort 100% zelf betalen. Voor die opleiding kunnen ze een lening afsluiten bij DUO, maar dat is wel heel ingewikkeld als je niet zo goed Nederlands spreekt. Omdat veel inburgeraars vanwege de financiën afhaken worden er wegens gebrek aan leerlingen overal scholen opgeheven en worden mensen weer afhankelijk van goedwillende buurvrouwen die aan de keukentafel les geven. Daarbij dankbaar gebruikmakend van: …… de bibliotheek. Ja, dat zou niet moeten mogen, dat zou veel beter geregeld moeten worden. Maar dat is wel de praktijk.

Dus ik blijf erbij dat de bibliotheek op dit moment een belangrijk rol KAN spelen bij het bestrijden van laaggeletterdheid in een gemeente. Ik zeg niet dat een bibliotheek daarbij onmisbaar is, andere partijen hebben daar waarschijnlijk een belangrijkere rol in. Een bibliotheek is wel onmisbaar als het gaat om het voorkomen van laaggeletterdheid: als het gaat om het opdoen van leeservaring en het bouwen aan een leestraditie bij kinderen. Dat alleen al lijkt me een ijzersterk argument in deze discussie. En ja, dat zouden scholen ook zelf kunnen doen met een goede schoolbibliotheek, maar dat doen ze niet, want zij gaan er van uit dat de bibliotheek daar voor is. Zij zijn er om les te geven.

Overigens ben ik het met Jeroen eens dat de uitdrukking “bestrijden van laaggeletterdheid” een hele lelijke is. Zeker na die vergelijking met ongedierte. Maar ik weet geen betere uitdrukking. En het feit dat het een lelijke uitdrukking is, is geen reden om het niet te doen. Want laaggeletterdheid is een groot probleem en niets doen is geen optie.

Laaggeletterden als strohalm

25 februari 2014

Afgelopen dinsdagavond zag ik net als een heleboel andere bibliothecarissen het NCRV tv-programma Altijd Wat (“staat stil waar anderen doorhollen en gaat verder waar anderen ophouden”). Ik kende het programma niet, maar was aangenaam verrast. Het was een interessant programma, met dit keer als thema: wat zijn de gevolgen van de bezuinigingen op de kunsten. Eerst een item over hoe het kan dat er overal bibliotheken gesloten worden terwijl er steeds meer laaggeletterden komen en  daarna maakte Pierre Bokma zich boos over de onverschilligheid van Nederlandse politici ten opzichte van de kunsten en het verschil met Duitsland waar men cultuur ziet als een steunpilaar van de maatschappij.

Ik vond het een interessant programma en heel genuanceerd: het bibliotheekitem werd vanuit verschillende kanten besproken, er kwamen politici aan het woord, een bibliotheekdirecteur, een wetenschapper, een deskundige en een laaggeletterde. Iedereen werd serieus genomen en in 13 minuten werd kort en duidelijk uitgelegd dat laaggeletterden in Heerlen heel veel baat hebben bij de bibliotheek en dat er steeds meer bibliotheken gesloten worden. De conclusies mocht je zelf trekken.

Schrijverdezes zag een heel ander programma. Ze zag natuurlijk hetzelfde programma, maar zij kreeg er hele andere gedachten bij dan ik. Ze twitterde er eerst over en daags erna heeft ze er een stuk over geschreven op haar blog. Een aantal van de vragen die ze stelt zijn inmiddels al beantwoord door Frank Huysmans en de Stichting Lezen & Schrijven. Maar ze stelt interessante vragen en daarom kom ik er graag op terug. Ze vraagt zich onder andere af: waarom vraagt nou nooit niemand in zo’n reportage eens: Tot voor kort waren er nog overal bibliotheken en toch zijn er 1,5 miljoen laaggeletterden in Nederland, hoe zit dat? Zijn die 1,5 miljoen niet te helpen of hebben de bibliotheken dat niet voldoende geprobeerd? En wat verderop zegt ze: Ik heb een beetje de indruk dat de bibliotheek in de laaggeletterden ineens een strohalm ziet om zich aan vast te klampen in deze tijd van onzekerheid.

Ten eerste die cijfers: hoe het daar precies mee zit wordt in de commentaren uitgelegd. Maar daarnaast is het zo dat de wereld steeds ingewikkelder wordt, je moet steeds meer en steeds beter kunnen lezen om je te kunnen redden, om mee te doen in de maatschappij. Met andere woorden: de lat wordt steeds hoger gelegd. Iemand die 20 jaar geleden redelijk kon lezen kan tegenwoordig een probleem hebben als hij in de afgelopen 20 jaar geen routine heeft opgebouwd of niks heeft bijgeleerd. Als je niet weet hoe je met een computer moet omgaan heb je een probleem en al helemaal als je geen geroutineerde lezer bent want je moet nogal wat lezen op zo’n scherm. Dus die groep wordt steeds groter. Ik weet niet zeker of digibeten ook bij die 1,5 miljoen laaggeletterden worden gerekend, maar er is daar zeker een verband tussen. Dus het is zeker niet zo dat alle inspanningen (van bibliotheken en de Stichting Lezen & Schrijven o.a.) geen resultaat hebben gehad. Je weet niet hoe de situatie zou zijn als er al die tijd niks gebeurd was.

Ten tweede die opmerking over die strohalm: die is ijzersterk. Want veel bibliotheken hebben nu opeens de mond vol van laaggeletterdheid maar wat doen ze daar nou precies voor? Of tegen? Wat hebben ze de laaggeletterden in hun gemeente te bieden? Meer dan een plankje met eenvoudige boeken dat vaak de grootse naam Lees en Schrijfplein heeft gekregen? Waar vervolgens niemand gebruik van maakt omdat niemand weet dat het er is? Hoeveel bibliotheken organiseren activiteiten voor laaggeletterden? Natuurlijk zijn er bibliotheken die dat wél doen, die samenwerken met ROC’s en die uitgebreide collecties hebben. Maar dat is wel een minderheid.

Er is geen bibliotheekdirecteur meer die laaggeletterden niet een belangrijke doelgroep voor bibliotheken vindt, maar ik herinner me ook de eindeloze discussies in het niet-eens-zo-verre verleden met de verschillende retailformuleteams over het Makkelijk Lezen Plein en het Lees en Schrijf Plein. Die zouden niet in de retailformule passen en dus was er geen plaats voor in de “nieuwe bibliotheek”. Tot vervelends toe is daar over gepraat, maar uiteindelijk is er toch ruimte gemaakt binnen de formule. Gelukkig maar. En ik ga er van uit dat alle bibliotheken binnenkort niet alleen met woorden belijden dat ze bestrijding van laaggeletterdheid belangrijk vinden, maar ook met daden.

In de commentaren concludeert Schrijverdezes: Wat mij het allerbelangrijkste lijkt in de strijd tegen de laaggeletterdheid is uitdragen dat lezen de moeite waard is. Omdat het leuk is, omdat je er door op andere gedachten komt, omdat je andere werelden en denkwijzen leert kennen. Dat uitdragen en overbrengen van liefde voor lezen en literatuur (in ruime zin) zou, vind ik, de bibliotheek veel meer moeten doen. Dat is niet alleen goed tegen de laaggeletterdheid, maar ook tegen kortzichtigheid en vooroordelen. En daar kan ik het alleen maar van harte mee eens zijn.

Overigens is het filmpje hierboven een actie van de Oekraïense bokser Wladimir Klitschko. Hiermee wil hij geld inzamelen om wereldwijd meer kinderen toegang tot onderwijs te bieden. Mooi filmpje vind ik en best toepasselijk.

Een verhaal in de sneeuw

17 februari 2014

shelleyjacksonSchrijfster/kunstenaar Shelley Jackson is weer bezig met het schrijven van een verhaal. In de sneeuw. Letterlijk.

Deze winter schrijft ze elke dag een of een paar woorden in de sneeuw, in de buurt van haar huis in Brooklyn. Die woorden fotografeert ze en zet ze op Instagram, daar is het verhaal te volgen. Lezen in omgekeerde volgorde, want het eerste woord staat natuurlijk onderaan, op de eerste foto die ze maakte. Op dit moment bestaat het verhaal uit 209 woorden. Ze staan inmiddels ook op Flickr, daar staan ze in omgekeerde volgorde, dus daar kun je bovenaan beginnen met lezen. Ik vind het prachtig, niet alleen het idee maar ook de uitvoering: ze schrijft alle letters heel netjes in een keurig Courier lettertype. Ze schrijft met haar vingers of met een stokje. “To approach snow too closely is to forget what it is,” said the girl who cried snowflakes is de eerste zin van het verhaal.

Jackson is gefascineerd door tijdelijkheid, haar uitgangspunt is dat alles een work in progress is. De titel van dit werk is dan ook Snow, A story in progress, weather permitting. Ze kan het verhaal schrijven zo lang er sneeuw is en de woorden verdwijnen weer zodra de sneeuw smelt. Of zodra er iemand op gaat staan, of zodra de eigenaar van de auto terugkomt en het woord op zijn autoruit weg veegt. Een ander werk van Jackson is Skin waarbij meer dan 2000 vrijwilligers een woord op hun lichaam lieten tatoeëren die alles bij elkaar een verhaal vormden. De lichamen veranderden en mensen overlijden zodat dat verhaal ook steeds verandert.

Mooi werk. Ik krijg er bijna zin in sneeuw van. Bijna.

Stel je voor: je bent lekker aan het werk en opeens hoor je dat er iemand met een pistool loopt te zwaaien in je gebouw. Of erger nog: dat er al iemand als een dolle om zich heen aan het schieten is. Wat doe je dan? Vluchten? Onder je bureau kruipen? Gewoon in paniek raken? Vanaf nu hoef je je dat niet meer af te vragen, want nu is er de dFence een Active Shooter Defence. Een boekenkast die je heel eenvoudig voor een deur kunt schuiven. Niet alleen kan de schutter nu niet naar binnen, maar de kast is ook nog eens kogelwerend dus je bent beschermd tegen kogels mocht hij door de deur heen proberen te schieten.

Handig!

Uitgevonden door een Australiër maar bedoeld voor de Verenigde Staten.  Alleen wel jammer dat er in dit filmpje in die kast alleen maar pakken kopieerpapier liggen en geen mooie verzameling boeken, die immer ook je leven kunnen redden. Maar dan je andere leven.