Verboden boeken

23 september 2013

Deze week is het weer Banned Books Week in de Verenigde Staten, ik schreef al eerder over dit fenomeen. Een week waarin boekhandelaren en bibliotheken aandacht vragen voor het feit dat er nog steeds (of steeds meer?) boeken verboden worden. Een fenomeen waar ik me over blijf verbazen: boeken die uit bibliotheken verwijderd worden of van literatuurlijsten worden afgehaald.

Een van de acties die gevoerd worden zijn virtual read-outs. Een read-out is een sessie waarbij in een boekhandel of bibliotheek wordt voorgelezen uit een van de boeken die op de lijst van verboden boeken staan. En sinds vorig jaar zijn er virtual read-outs: organisatoren worden gestimuleerd om van hun read-out een filmpje te maken en te delen op een speciaal Youtube kanaal.

Dit is een filmpje van (tweedehands) boekwinkel Bookmans van vorig jaar, om de actie aan te kondigen. Dit jaar hebben ze er ook een gemaakt, maar ik vind die van vorig jaar mooier.

Wat zijn we eigenlijk verwend in Nederland, dat zoiets hier nooit (of nou ja, zelden) voorkomt.

Arme mensen

14 september 2013

daklozeBoekhandelaar Monique Burger, bekend van het boekenpanel bij De Wereld Draait Door, schrijft in een column in Boekblad over de mensen die het gratis Droomboek voor de koning in haar winkel komen afhalen. Die column heeft nogal wat ophef veroorzaakt omdat ze haar klanten tamelijk plastisch beschrijft.

Haar winkel staat in Bos en Lommer, een voormalige Vogelaarwijk in Amsterdam. Zoals overal in Nederland loopt het ook in Bos en Lommer storm. Burger begint met te zeggen dat ze blij is met al die mensen die normaal gesproken nooit in haar winkel komen, maar ze schrikt er ook van:

Niet van de greediness waarmee deze mensen hun gratis boek ‘opeisen’, maar van de armoede. Ongeschoren, ongewassen, ongekamd, dik, uitgezakt, kreupel, rotte tanden, stinkend, met looprekken en hulpmiddelen die ik nog nooit eerder in mijn leven heb gezien, ruw, onbeleefd, nauwelijks pratend: soms steken ze alleen het bonnetje toe – ook wanneer ik met andere klanten bezig ben af te rekenen, totaal gespeend van enig gevoel voor sociale verhoudingen of omgangsregels.

Dat is erg beeldend beschreven, niet erg aardig maar je ziet het wel meteen voor je. Ze realiseert zich dat ze deze mensen en dit soort armoede nooit ziet en van die plotselinge confrontatie wordt ze niet erg blij.

Door onze keuze voor pin-only hebben we – onbewust – een heel fatsoenlijk publiek ‘gecreëerd’, waarmee het aangenaam werken is, waarmee een goed rendement te behalen is. Als ik me voorstel dat ik ook losse enveloppen zou verkopen en hoeveel tijd ik dan per klant bezig zou zijn… Dit soort gesprekken gaat langzaam, je krijgt er vaak hele levensverhalen bij.

En daar zit nou net het verschil tussen een boekhandel en een bibliotheek: in een boekhandel draait het om rendement, in een bibliotheek om toegevoegde waarde. Mensen die alleen maar een gratis boek komen afhalen leveren een boekhandelaar niks op, sterker nog: die kosten alleen maar geld. In een bibliotheek is iedere bezoeker er een, daar reken je in wat je voor iemand kunt betekenen, niet in wat hij kost of oplevert. Dat doet een manager natuurlijk wel, achteraf en in grote lijnen, maar dat is niet het doel van een bibliotheek. En dat is wel het doel van een winkel: omzet maken. In een bibliotheek komt iedereen: rijk en arm, dus wij schrikken niet zo snel van ongeschoren of ongewassen mensen, of van mensen met hulpmiddelen.

Overigens zit in dat laatste citaat natuurlijk de crux waar veel mensen zich zo boos over maken: door het gebruik van woord fatsoenlijk wordt de suggestie gewekt dat arme mensen niet fatsoenlijk zijn. Ik ben er van overtuigd dat Burger dat niet zo bedoeld heeft. Want ze eindigt haar column met:

Al met al kost het ons bergen energie, en inpakpapier, en tasjes (en soms kunnen we door de lange rij onze echte boekenkopers minder goed helpen, dat vind ik wel erg) maar het leert me ook deemoedig te zijn, en het schenkt me ook nieuwe inzichten. Wéér zoiets bijzonders aan het werken in een boekhandel.

Meid, kom gezellig in een bibliotheek werken zou ik zeggen. Daar krijg je nog veel meer nieuwe inzichten. Beetje flauw misschien, maar deze column toont vooral aan dat Burger nogal in een ivoren toren heeft gewoond. Daar is ze door de rel die op het internet is ontstaan nu hardhandig uitgekukeld denk ik. Haar winkel is beklad en haar etalageruit is ingeslagen, volslagen belachelijk natuurlijk. Net zoals al die reaguurders die haar nu beschimpen. Ze heeft die column met de beste bedoelingen geschreven, hij is alleen niet zo handig.

En ik vermoed dat het Bibliotheekblad nu ook wel twee keer nadenkt voordat ze haar weer een workshop laten geven. Misschien kunnen we een workshop voor boekhandelaren organiseren: wat die van bibliotheken kunnen leren? ;-)

Leggen we wel genoeg uit?

7 september 2013

posterPrachtige poster he? Uit de archieven van een Canadese schoolbibliothecaris.

Toen ik hem voor het eerst zag vond hem vooral erg schattig. Tuttig en retro en een beetje jeugdsentiment. Zo doen wij dat tegenwoordig niet meer, met dat vingertje van dat soort simpele dingetjes uitleggen. Maar even later vroeg ik me af waarom eigenlijk niet?

Dat weet ik wel, waarom we dat niet doen, want dat is betuttelend en tuttig en dat willen we absoluut niet zijn. Daar hebben we al heel wat campagnes aan gewijd, aan laten zien dat we heus niet ouderwets zijn. Maar dat doen we ook niet omdat we vaak niet door hebben dat we in jargon praten en dat niet iedereen onze vaktaal verstaat. Leners zeggen dat ze een boek willen bestellen, niet reserveren. En hoeveel mensen realiseren zich als ze voor de kast staan het verschil tussen een thriller en een detective? Ze zoeken gewoon een spannend boek.

Het best gelezen stuk op dit blog is het stuk waarin ik uitleg wat het verschil is tussen een A, B en C boek. Dat is op dit moment al 2719 keer gelezen, sinds november 2011. Elke dag krijg ik wel een paar mensen op mijn blog met vragen als Voor welke leeftijd zijn b-boeken of Wanneer is een boek een b boek of een c boek. Deze week alleen al 139. Ik schreef het omdat ik zag dat mensen met die vraag op mijn blog terecht kwamen naar aanleiding van een heel ander stuk. Dat leek me nogal vreemd, want die informatie moet toch zeker wel ergens te vinden zijn? Maar niet dus. Niet op de site van de NBD (zou je toch verwachten, van degene die die A’s en B’s toekent) en ook niet op de site van de bibliotheken. Daarom heb ik dat stukje geschreven, dan is dat antwoord tenminste ergens terug te vinden. Maar het is wel vreemd dat zoiets niet standaard op alle bibliotheek sites staat. Ook niet op de site van mijn eigen bibliotheek overigens.

Inmiddels wordt er op o.a. de site Goede Vraag weer naar mijn blog verwezen, als iemand daar een vraag over de leeftijdsindeling stelt. Blijft raar, dat andere mensen ons eigen indelingssysteem gaan duiden. Doen we volgens mij toch iets verkeerd. Misschien moeten we eens wat meer uitleggen.

Klanten opvoeden

12 juli 2013

koffieGeen idee waar dit briefje precies vandaan komt, maar ik kan me voorstellen dat het in meerdere Italiaanse cafés achter de bar hangt.

Geestig briefje. En ik begrijp het ook wel want er lopen wat botteriken rond in de horeca. Die lopen eigenlijk overal wel rond. Maar toch zou je zo’n briefje nooit in een bibliotheek zien. Want wij behandelen al onze klanten hetzelfde, wij maken geen onderscheid. OK, als je heel erg lomp bent zijn we misschien een ietsie-pietsie minder aardig dan normaal, en ja: wij hebben ook wel eens onze dag niet, maar in het algemeen zijn we altijd even vriendelijk tegen iedereen.

Als u ons niet groet bij het binnenkomen of als u maar blijft zeuren over die boete doen we toch ons best om u zo goed mogelijk te woord te staan. Als u moeite heeft met lezen of niet snapt hoe de computer werkt vinden wij dat niet raar en proberen we u toch gewoon te helpen. En zelfs als u kinderen hysterisch worden omdat ze ruzie krijgen over wie de boeken in de inleverbrievenbus mag gooien proberen we onze irritatie te verbergen.

En ja, wij hebben ook zo onze favoriete bezoekers, maar dat proberen we zo onopvallend mogelijk te laten merken. We accepteren onze klanten in elk geval zoals ze zijn en we proberen ze niet op te voeden. Want de openbare bibliotheek is voor iedereen. Ook voor botteriken.

ALA-DeclarationAls onderdeel van de campagne Libraries Change Lives van de nieuwe president van de American Library Association is nu het project Declaration for the Right to Libraries gestart. Naar analogie van de Declaration of Independence is een verklaring opgesteld to serve as a strong public statement of the value of libraries for individuals, communities, and our nation.

De bedoeling is dat bibliotheken overal in de Verenigde Staten volgend jaar signing ceremonies gaan organiseren, waar community members, organizations, and officials publiekelijk hun handtekening zetten onder dit document om op die manier pal te staan voor levendige bibliotheken in hun gemeenschap. En dan gaat het over alle soorten bibliotheken, zowel openbare als school-, wetenschappelijke of speciale bibliotheken. Volgende week, tijdens het jaarlijkse ALA congres wordt het startschot gegeven voor deze campagne, met toolkit en al.

Mooie actie, met die historische verwijzing er in en zo. Als wij nou eens beginnen met het overnemen van dat document van de ALA van drie jaar geleden met 12 redenen waarom bibliotheken goed zijn voor het land, dan kunnen we misschien een klein beetje in de buurt komen van dit soort optimistisch activisme. Want daar heb ik wel behoefte aan, aan wat positieve, professionele actie.

DSC01702Jongens, waar waren jullie nou? Waarom waren jullie vandaag niet allemaal in grote getale in de bibliotheek van Noordwijk om de Cycling for Libraries mensen te ontmoeten? Jullie hebben echt iets gemist, het was zo ontzettend leuk!

OK, je had wat geduld moeten hebben. Want ze kwamen bijna twee en een half uur later dan verwacht omdat er een ongepland bezoek aan de bibliotheek van Zandvoort werd gebracht waardoor het tijdschema nogal opschoof. Maar het is heel Hollands om je druk te maken over een tijdschema hebben we geleerd. Het belangrijkste is dat ze er uiteindelijk waren. En dat ze al hun enthousiasme op ons loslieten.

Licht vermoeid stapten ze van hun fietsen af, maar de verse Noordwijkse stroopwafels waarmee ze ontvangen werden pepte bijna iedereen meteen weer op. Waarna ze als een soort zwerm de bibliotheek overnamen. Ze wilden alles weten over de indeling van de collectie, over het kleurgebruik in onze inrichting, over hoe het zat die landelijke huisstijl (“he, in Zandvoort hadden ze hetzelfde logo”), over wat voor activiteiten wij organiseerden voor kinderen en over hoe wij er voor zorgden dat alles zo netjes bleef. (nou, omdat we zo lang op jullie moesten wachten hadden we ruim tijd om alles heel strak in de kasten te krijgen…)

We kregen veel complimenten over onze inrichting en dat is altijd leuk. En verder weet ik nu dat bibliotheken in Alberta als enige staat in Canada abonnementsgeld vragen (kinderen tot 16 jaar gratis) en dat de bibliotheek van Kopenhagen al twee jaar lang een paar mensen heeft vrijgemaakt om een fablab te maken. En dat ze daarmee inmiddels mooie dingen met de scholen doen. En dat er in Finland bibliofietsen gemaakt worden, dus een soort van bibliobussen maar dan op de fiets, met zonnepanelen!

Een fijne bijkomstigheid was de reactie van het publiek: onze bezoekers waren erg benieuwd wat al die mensen in gele hesjes kwamen doen. En ze waren erg trots op hun eigen bibliotheek toen we het uitlegden. “Ja, maar het is toch ook een prachtige bibliotheek?” Kijk, dat horen we nou graag.

Iedereen was dus enthousiast: de Cycling for Libraries mensen, onze bezoekers en wij, de medewerkers van de bibliotheek. Het zorgde voor een heel bijzondere energie en daar werd ik erg blij van. En dat hebben jullie dus allemaal gemist.

Jammer.

(klik hier voor meer foto’s)

c4libToen ik voor het eerst over Cycling for Libraries hoorde nam ik me vast voor om het te blijven volgen, want ik vond het een fantastisch initiatief. Alleen al van de geweldige film die er van gemaakt is werd ik vrolijk. Op de een of andere manier is hun vorige tocht een beetje langs me heen gegaan, misschien omdat die Baltische staten (letterlijk) nogal ver van mijn bed zijn. Maar dit jaar komen ze naar Nederland en nu zit ik er bovenop.

Want op woensdag 19 juni komen ze bij ons op bezoek in de bibliotheek van Noordwijk. Toen we hoorden dat de tocht van Amsterdam naar Den Haag via de kust zou leiden besloten we om de groep uit te nodigen, die route leidt immers door Noordwijk. En de vestiging in Noordwijk is net vorig jaar opnieuw ingericht, daar zijn we heel trots op dus die willen we graag laten zien.

De tour begint dinsdags in Amsterdam, met o.a. een bezoek aan de OBA en de Speciale collecties van de UvA. ‘s Woensdags gaan ze voor het eerst echt fietsen: van Amsterdam naar Haarlem, naar de Stationsbibliotheek, dan van Haarlem naar Noordwijk en van daar uit naar Scheveningen waar ze zullen overnachten. Ze zijn ongeveer een uurtje in Noordwijk, dat is meer dan voldoende tijd om even iets te drinken en om de bibliotheek te bekijken dus ik ga er van uit dat er ook nog tijd is met de fietsers te praten over het belang van bibliotheken, want daar komen ze voor. Op de Cycling for Libraries site stellen ze zichzelf voor, en noemen ze waar ze het over zouden willen hebben, interessant om te lezen als voorbereiding. Zoals die Oekraïner die de Librarian as a path to hapiness ziet, maar ze willen het ook over netwerkvorming hebben, over pop-up libraries, over bibliotheken als piraten, over e-books, en over de contacten met de politiek. En er is een deelnemer die alleen maar wil weten hoe hij van Kaliningrad een fietsvriendelijke stad kan maken.

Interessant dus. En iedereen is welkom, dus kom vooral naar Noordwijk. Van 16 tot 17 uur zijn de fietsers bij ons in de bibliotheek. Of meldt je aan om een dagje mee te fietsen, dat kan nog.  Want wanneer krijg je nou de kans om zo’n breed, internationaal gezelschap van bibliothecarissen te spreken? Die kans kun je niet laten lopen, dus grijp hem!

 Het Amerikaans Instituut voor Architecten (AIA) reikt elke twee jaar, samen met de Amerikaanse Bibliotheek Vereniging (ALA) prijzen uit aan de beste bibliotheekgebouwen, To encourage excellence in the architectural design and planning of libraries.

Begin van deze week zijn de winnaars van 2013 bekend gemaakt. Het zijn er zes: een splinternieuw filiaal in Washington D.C., de volledig gerenoveerde 100 jaar oude centrale bibliotheek van St. Louis, de nieuwe jeugdafdeling van een filiaal in New York, de renovatie van een filiaal in Houston,  een nieuw filiaal van de openbare bibliotheek van Phoenix, gecombineerd met een schoolbibliotheek en een nieuwe universiteitsbibliotheek van North-Carolina State University. Over die laatste gaat bovenstaande video.

Een hele gevarieerde lijst, met niet alleen openbare bibliotheken. In 2011 was een van de winnaars zelfs een bibliotheek in Saudi-Arabië. Dat kon omdat de prijs bedoeld is voor architecten die in de Verenigde Staten geregistreerd zijn. En omdat de American Library Association zich niet alleen met openbare bibliotheken bezig houdt. De jury bestond uit drie architecten, twee bibliothecarissen en een library consultant. Het is me niet helemaal duidelijk wat de prijs precies inhoud, of dat het alleen om de eer gaat.

Ideetje voor de VOB? Samen met de BNA zo’n prijs instellen? Want de verkiezing van het bibliotheekblad voor de beste bibliotheek van Nederland is niet persé een prijs voor het beste gebouw. Bij die prijs tellen ook zaken als diensten, aanbod, service en klantgerichtheid mee. Lijkt mij wel eens interessant, zo’n focus op de architectuur. Maar ik vermoed dat geen van beide verenigingen veel heil ziet in zo’n prijs. Zowel architecten als bibliothecarissen staan onder druk, in beide branches is het crisis. Het zou interessant zijn als die twee de handen in elkaar zouden slaan. Maar da’s waarschijnlijk te praktisch gedacht.

 

 Gisteravond zat ik in de Schouwburg, bij de voorstelling To be or not te be van het Zuidelijk Toneel. Een stuk naar de film van Ernst Lubitch, over een groep acteurs die in 1939 met de Duitse bezetting te maken krijgt. Het is een wervelende voorstelling, met zang en dans, standup comedy van Raoul Heertje en minstens drie radslagen van Ellen ten Damme. Maar er zit een hele serieuze onderlaag in.

Het stuk eindigt met de volgende woorden: Toneel is life. Dames en heren, het is natuurlijk onmogelijk en pathetische onzin, maar ik vraag u te geloven dat wij de geschiedenis ingrijpend hebben beïnvloed. Want dat is de macht en de magie van het theater. Soms is theater geen spiegel, maar moet de wereld zich maar eens aan ons aanpassen. Wie niet in dromen gelooft is geen realist. Zoals Primo Levi al zei; if not now, when? Wij pakken onze spullen in want we spelen vaker deze week. In Mali, Gaza, Syrie, Tsjetsjenie, Congo, Irak, zullen wij het onmogelijke mogelijk maken. Maar eerst nog naar Zwolle en Nieuwegein. Dankuwel.

Dat was mooi.

En de dag daarvoor zat ik in de Lokhorstkerk in Leiden waar Ted van Lieshout de laatste Annie M.G. Schmidtlezing hield. Van Lieshout sprak over zijn werk en over de vraag of hij zichzelf daarin op de voorgrond zette of niet. En over zijn drijfveren: hij gaat voor kwaliteit. Ik vind mijn geluk in het probéren om een zo goed mogelijk boek te maken. Ik doe dat voor die ene lezer. Die andere 3999 kinderen die jengelen om zesendertig keer hetzelfde boek kunnen de pot op. (…) Armoede, dat is wat we kinderen bieden als we ze alleen maar geven waar ze zelf om vragen. Het is óók onze taak om kinderen te geven waar ze níét om vragen, zoals inentingen en vitaminen en asperges en kunst. En kwaliteit, gewoon omdat ze niet weten dat het bestaat. Maar wij weten het wel.

Dat was ook mooi.

Dat is ook zo’n beetje wat ik bedoel met volksverheffing. Mensen iets geven  waarvan ze niet weten dat het bestaat. Iets moois, een droom, een gedachte. Waar ze misschien een klein beetje beter mens van worden. Of misschien ook niet. Maar wat ze in ieder geval op een nieuw idee brengt, of op een nieuwe mening. En dat is (ook) een taak van de bibliotheek. Om niet alleen maar meer van hetzelfde te doen, maar ook af en toe eens iets anders. Om mensen dingen te bieden die ze nog niet kennen, om ze in aanraking te brengen met nieuwe werelden en nieuwe ideeën. Want daar zijn we ooit voor opgericht. Vroeger.

DSC00987Weet niet hoe het met jullie zit, maar ik had nog nooit van internetconsultatie gehoord voordat we mochten meepraten over de Bibliotheekwet. Bestaat dat al lang, doen ze dat vaker, waarom doen ze dat eigenlijk, wat gebeurt er met alle reacties en heeft het zin om te reageren?

Gelukkig heeft de consultatiewebsite een keurig blokje Veel gestelde vragen dus een paar antwoorden heb ik nu:

Over het waarom: Het kabinet vindt internetconsultatie een nuttig instrument als aanvulling op de reeds bestaande consultatiepraktijk in het wetgevingsproces. Door internetconsultatie krijgen meer mensen, bedrijven en instellingen informatie over wetgeving die in voorbereiding is en kunnen zij suggesties doen om de kwaliteit en uitvoerbaarheid van deze voorstelen te verbeteren. Internetconsultatie vergroot de transparantie van het proces, de mogelijkheden voor publieke participatie en levert een bijdrage aan de kwaliteit van wetgeving. (blijkbaar hadden ze bij de afdeling communicatie geen spellingscontrole, die van mij geeft aan dat voorstelen niet goed is..)

Over wat er met de reacties gebeurt: Uw reactie wordt met uw naam en woonplaats, indien u daar geen bezwaar tegen heeft, openbaar gemaakt op de website. (…) Na afloop van de consultatieperiode worden alle reacties bekeken en wordt eventueel het wetsvoorstel aangepast. Het resultaat van de consultatie en de verwerking daarvan in het concept-voorstel wordt in een verslag op hoofdlijnen vermeld op de website.

Het wetsvoorstel kan dus eventueel worden aangepast. Dat is waarschijnlijk de reden waarom de VOB iedereen zo enthousiast oproept om te reageren: De reacties op de concept-wet zijn onderdeel van het democratisch proces. Als er heel veel mensen zich laten horen zullen de wetgevers daar aandacht aan moeten geven. Het kan van invloed zijn op de wet. Dat lijkt me tamelijk naïef, of ben ik nou te cynisch? Ik snap dat de VOB aan zijn goede naam verplicht is om er voor te zorgen dat er wat reacties komen, maar al te veel moeten we daar toch niet van verwachten lijkt me. Het is toch een soort van politiek spel, een rituele dans.

Op de Internetconsultatiesite is terug te lezen wat er in vorige consultaties gedaan is met de reacties. Bijvoorbeeld in de consultatie Regeling gewasbeschermingsmiddelen en biociden. Daar is een keurig reactiedocument van gemaakt, waar precies is genoteerd hoeveel reacties er zijn gekomen (13, waarvan 7 van organisaties en de rest van burgers) en worden alle reacties puntsgewijs behandeld. Zo te zien is een van de weinige dingen die in de regeling is veranderd een inzagetermijn, die wordt verlengd van 4 naar 6 weken. En het woord zoogdieren wordt ergens toegevoegd. Op alle andere punten wordt alleen maar uitgelegd wat de regeling inhoudt, een enkele keer wordt met zoveel woorden gezegd dat een reactie niet correct is.

Lijkt me ook wel logisch, dat er niet zoveel gewijzigd wordt. Over zo’n voorstel is lang nagedacht en misschien wel veel onderhandeld, het is niet een of ander kladje dat nog wat bijgeschaafd moet worden. Op dit moment zijn er 44 reacties, op het voorstel voor een bibliotheekwet. Voornamelijk van bibliotheken en bibliotheekorganisaties maar ook van één gemeente, een schrijver en een aantal burgers. Een aantal bibliotheekdirecteuren heeft zonder toelichting het Manifest van de VOB geupload. Die reacties worden door het ministerie voor kennisgeving aangenomen denk ik, het verzoek is namelijk Als u reageert, doet u dat dan zo concreet mogelijk, bij voorkeur voorzien van tekstvoorstellen. Dus niet met een manifest vol algemeenheden.

Ik vraag me steeds af waarom deze nieuwe wet er moet komen. Welk probleem lost deze wet op? Volgens de toelichting is de bestaande bibliotheekwetgeving meer dan 25 jaar oud en moet het wettelijk kader worden geactualiseerd in verband met de komst van de digitale bibliotheek. “Worden geactualiseerd”, dat klinkt niet erg ambitieus. Dat klinkt een beetje van “een likje verf en nieuwe gordijnen en dan kunnen we weer een paar jaar vooruit. Terwijl de branche hoopte op een verbetering, op een wet waar we iets mee opschieten, een wet die onze wettelijke positie zou verstevigen. Met deze wet schieten individuele bibliotheken niks op volgens mij. De enige die hier iets mee opschieten zijn gemeentes en de KB. Gemeentes krijgen nog meer vrijheid om naar willekeur hun eigen gang te gaan en de positie van de KB binnen de openbare bibliotheekbranche wordt flink verstevigd. Dat eerste vind ik een heel slecht idee, dat tweede lijkt me helemaal geen gek idee.

Worden de openbare bibliotheken een soort vooruitgeschoven posten van de KB dan? We gaan tenslotte een deel van hun ledenadministratie doen maar daar krijgen we geen extra geld voor. En gemeentes gaan op ons bezuinigen onder het mom van dat “toch steeds meer digitaal gaat, via de KB”. Dat betekent meer werk en minder geld voor de meeste bibliotheken. Die vaak al op het randje van het onmogelijke balanceren. Dat moet dus wel mis gaan.

Het lijkt me best een goed idee om van de ob’s een soort filialen van de KB te maken: wel zo overzichtelijk en het scheelt een hoop bestuurlijke drukte. Maar dan heb je een hele andere wet nodig lijkt me. En een hele andere structuur en zeker een andere financiering. Dat gaat voorlopig nog niet gebeuren. Daarom kan ik het alleen maar eens zijn met Wim Keizer als hij zegt beter geen wet dan deze halfslachtige wet. Maar ja, geen wet is geen optie bij deze consultatie. Want die wet gaat er komen, daarom ligt hij nu voor. Dus waarschijnlijk is zo concreet mogelijk reageren de enige mogelijkheid om er nog iets van te maken. Maar ik heb er een hard hoofd in.