hek jbcIedereen die in een openbare bibliotheek werkt kent ze wel, die gesprekken op feestjes als mensen horen dat je in een bibliotheek werkt. Met die “ik-koop-al-mijn-boeken-dus-de-bibliotheek-kan-wel-weg” mensen heb ik niet zo veel geduld, dat heb ik al eerder beschreven. Maar soms heb je ook hele andere gesprekken, met mensen die in principe best positief tegenover de bieb staan. Die gesprekken gaan alleen nooit over de bibliotheek waar ik zelf werk, dus dat praat een beetje onhandig. Want elke bieb is anders en dus sta ik soms opeens een beetje halfslachtig, quasi neutraal, beleid goed te praten waar ik zelf ook niet achter sta. Maar ja, je valt je eigen vak niet af.

Zoals die keer op een bruiloft, met een vriendin van een vriendin:

Zeg Jeanine, jij werkt toch in een bibliotheek of niet? Wat is eigenlijk de bedoeling van een bibliotheek? Ik bedoel, waarom zijn die er eigenlijk? (…) Ja, zoiets dacht ik al. Maar toen ik onze bibliotheek in T. belde om te vragen of ik eens kon komen praten over een mogelijke samenwerking tussen kunstenaars en de bieb kreeg ik te horen dat ik wel een ruimte kon huren. En dat ze me de tarieven daarvoor wel wilden sturen. Dat klopt dan toch niet met wat jij zegt? Nee inderdaad, maar niet iedereen in de branche denkt er zo over als ik. Dus dan hou ik het maar bij een vaag praatje over lokaal beleid en het genereren van eigen inkomsten.

Op een verjaardag, met een gemeenteraadslid, in een discussie over de bezuinigingen op de plaatselijke bibliotheek:

10% van de Nederlanders laaggeletterd? Oh, dat zei directeur van de bibliotheek ook al en dat vond ik zo veel, dat geloofde ik eigenlijk niet. Maar ja, als jij dat cijfer nu ook al noemt. Dat is wel veel zeg. Dat kan ik me eigenlijk niet voorstellen. Ik ken niemand die laaggeletterd is, hoe kan dat dan? En wat doet de bieb hier in H. daar dan voor? Nou, de bibliotheek in H. doet daar eigenlijk niks voor, dus dat was in dit geval nogal een loos praatje. Maar ja, de gemeente wil ook wel bizar veel bezuinigen, dus ik ga vooral die directeur niet afvallen.

Of via WhatsApp, met mijn zus:

Ben vanmiddag bij de vernieuwde bieb in Maasbree geweest: errug mooi! Met jonge aardige mensen achter de balie die mijn boek innamen. Hoefde ik niet zelf te scannen. Wauw. (…) Nee, dat is niet ouderwets. Ik vond het vooral luxe en klantvriendelijk. Oei, op mijn vingers getikt door mijn eigen zus. Want dit is de mening van een echte klant. En die heeft altijd gelijk.

OK, dat was even pijnlijk. Dat item in het NOS journaal over de bibliotheek van New York die Facebook-les aan ouderen geeft. Het item zelf natuurlijk niet, dat was leuk en aandoenlijk en herkenbaar voor iedereen die ook wel eens een lesje Social Media aan senioren heeft gegeven. Wat zo pijnlijk was, was het feit dat het werd gebracht alsof het heel nieuw en bijzonder was. Terwijl een heleboel openbare bibliotheken dat doen, niet alleen in New York en de Verenigde Staten maar wereldwijd. En zeker ook in Nederland.

Slordig van het NOS journaal om dat niet even te checken. En ja, dat is weer eens een bevestiging van het vooroordeel dat journalisten lui zijn en hun huiswerk niet goed doen. Maar het is nog een veel grotere bevestiging van het feit dat bibliotheken niet genoeg naar buiten treden. Niet duidelijk genoeg maken wat we allemaal doen, waar we voor staan en wie we daarmee bereiken. We hebben ons verhaal niet paraat, laat staan dat we het luid en duidelijk vertellen.

Gelukkig sloot het journaal in de latere uitzendingen het item af met “sommige Nederlandse bibliotheken doen dit ook”, waarschijnlijk gealarmeerd door het fanatieke getwitter van Pieter Offermans en Patrick Heemstra.

Maar wat gaan we hier nu verder mee doen? Ik neem althans aan dat we uit dit pijnlijke moment als branche  een lesje leren. Ja toch? Dus ga ik er van uit dat de Commissie Marketing en Promotie in een spoedoverleg bij elkaar komt en een strategie gaat uitzetten. Gaat nadenken over bij welk programma van Omroep Max we op de bank willen zitten. En wie we daar naar toe gaan sturen met een goed verhaal. Of naar welke bibliotheek we het beste een filmploeg kunnen sturen om te filmen tijdens een 7 Dingen cursus, of de e-reader kennismaking als we de aandacht van de pers eenmaal hebben gevangen. Want de leden van die commissie gaan nu natuurlijk hun netwerk aanspreken, die gaan alle journalisten die ze kennen bestoken met inspirerende verhalen over wat de bibliotheken allemaal voor interessants doen.

De commissie gaat desnoods een mediatrainer inhuren om mee te denken over de beste manier om ons verhaal beter in de publiciteit te krijgen. Want er zal toch vast wel íets gaan gebeuren, naar aanleiding van deze blamage? Ja toch?

It’s not what you sell, it’s what you stand for is de titel van een boek van Roy Spence, een succesvolle Amerikaanse reclameman.

Iets wat bibliotheken zich ook kunnen aantrekken: het gaat er niet om wat voor boeken je in de kast hebt of wat voor kleur je bedrijfskleding heeft, het gaat om waar je voor staat en hoe je dat uitstraalt. Mensen hebben er best begrip voor dat ze een paar weken moeten wachten op Bonita Avenue of een ander veelgevraagd boek. Ze mopperen daar misschien over maar ze begrijpen het best. Maar ze begrijpen het niet als je als bibliotheek dingen doet die ingaan tegen waar je voor staat.

Zoals het verhaal van de schrijver uit Meerssen die een poster voor zijn boek wilde ophangen in de bibliotheek. In de plaatselijke bibliotheek werd de poster onmiddelijk opgehangen, maar in de bibliotheek van het naburige Maastricht kregen de posterplakkers na enig beraad te horen “dat dat niet past binnen het beleid”. Duh…  In het beleid van het Centre Ceramique lees ik dat ze bezoekers op een verrassende, informatieve, educatieve en amuserende wijze interactief met oude, hedendaagse en toekomstige uitingen van informatievoorziening en cultuur in aanraking willen laten komen maar blijkbaar horen plaatselijke schrijvers daar niet bij.

Een duidelijk voorbeeld van niet duidelijk staan voor wat je bent. Zeggen dat je mensen met cultuur in aanraking wil laten komen maar een posterbeleid hebben dat zoiets tegenwerkt. Dit zijn dingen die mensen je kwalijk nemen, hier moeten heel wat ledenwerfcampagnes tegenaan om dit weer een klein beetje recht te trekken. Of promoot de bibliotheek Maastricht tegenwoordig geen schrijvers meer? Dan had de dame aan de balie dat meteen kunnen zeggen in plaats van eerst met “boven” te moeten overleggen.

Soortgelijke verhalen, vooral over posters, hoor ik vaker. Deze week zag ik nog een tweet over de bibliotheek Haarlem voorbij komen. En ik snap het ook wel: die wildgroei aan posters die ontstaat is soms niet fraai en daar worden de mensen die van formules en modellen houden zenuwachtig van. Maar dat hoort er nou eenmaal bij als je zegt dat je een centrum van cultuur bent, of een ontmoetingsplaats, of dat je een belangrijke rol hebt bij sociale binding. Dan komen mensen je informatie brengen (=posters) op een manier die misschien niet past binnen jouw eigen beeld van je bibliotheek. Als je dat afwijst ga je in tegen je eigen definitie van jezelf, dus tegen dat waar je voor staat. Waarmee ik niet wil zeggen dat je alles maar moet ophangen of neerleggen wat mensen komen brengen maar daar kun je toch een heldere keuze in maken die iedereen kan uitleggen? “Wij  promoten alles wat met boeken, taal en lezen te maken heeft en daar hoort een cursus Kinderyoga  niet bij, dus sorry mevrouw ik kan uw poster niet aannemen”.

Maar goed, dat is waarschijnlijk ook de reden dat de bibliotheek van Meerssen afgelopen jaar genomineerd was voor beste bibliotheek van Nederland en Maastricht niet. Ondanks het feit dat Maastricht ongetwijfeld veel mooier en groter is. Want in Meerssen staan ze ergens voor.

Met dank aan @Ingmario

  “De bibliotheek? Bestááát die dan nog?’ Een van de laatste mooie dagen van juni, tijdens een barbeque op een dakterras in Amsterdam. De opmerking kwam van een vriend van een vriend en was grappig bedoeld maar er zat een naar ondertoontje in.

“Jazeker bestaat de bibliotheek nog. En het zal ook nog wel even duren voordat die weg is.”

“O, ik kom er anders nooit meer. Ik doe alles digitaal. Dus vandaar dat ik ’t me afvroeg.”

“Maar jij bent ook niet de doelgroep van de bibliotheek, dus het kan wel kloppen dat jij er nooit meer komt. De bibliotheek is ook niet echt voor jou bedoeld”

“Oh nee? Wie is dan wel de doelgroep van de bibliotheek?”

“Nou, de doelgroep van de bibliotheek dat zijn kinderen, vooral jonge kinderen. En oude mensen, die niet meer zo mobiel zijn. En al die mensen die nog niet zo digitaal zijn als jij. En mensen die moeite hebben met lezen en met hun weg vinden in de maatschappij. Die helpt de bibliotheek met het vinden van het juiste materiaal en het geven van cursussen en zo.”

“Oh, dus de bibliotheek is een soort groot multimedia opleidingsinstituut?”

“Zoiets ja. Dat proberen ze althans steeds meer te zijn.”

“Goh, mooi zeg.”

Vooral niet beginnen over dat zoiets nog voorlopig een ideaalbeeld is. En niet beginnen over medewerkers die niet willen doorpakken en gemeentebesturen die het niet willen inzien. En vooral lief blijven lachen (je zou het misschien niet denken, maar dat kan ik heel goed). Vooral zo’n kortzichtige 40-er niet terechtwijzen. Zo’n hippe jongen die niet verder kan kijken dan zijn eigen hoogopgeleide, goedbetaalde neus lang is. Want de strijd voor het behoud van de bibliotheek moet op alle fronten gestreden worden en beeldvorming is een belangrijk front. 

En toen werd van het dakterras een check-in locatie op Facebook gemaakt en werd er afgesproken dat we hier nog heel vaak zouden terugkomen om te barbecueën.

Boze bibliothecaris

4 juni 2011

Het begon met Edwin, die twitterde vorige week: I’m the fucking librarian, motherfucker. I am not any corporation’s bitch. And if I want books in the library, we’re having books. And DVDs. And econtent. And graphic novels. And pie.”

Een geweldig statement vond ik, afkomstig van een blogpost van de Censored Genius, met als titel The fight goes on.  Biboef wees me op die blogpost, en op het feit dat er al een t-shirt met die slogan bestond. De posting is geschreven naar aanleiding van een stukje van Seth Godin over The future of the library waarin hij oproept om bibliotheken om te bouwen tot digitale kenniscafe’s waar bibliothecarissen een soort supertechneuten worden en alles digitaal is. Best een leuk gedachtenexperiment en niet zo ontzettend vreemd verzonnen vond ik, maar alle  bijval die hij (ook hier) kreeg vond ik wel een beetje overdreven.

De Censored Genius maakt zich ontzettend boos over dat verhaal, niet omdat hij tegen digitale kenniscafe’s is maar omdat hij vindt dat teveel mensen en bedrijven zich bemoeien met wat de bibliotheek (en dus de bibliothecaris) zou moeten doen. Niet uitgaande van wat de behoeftes van de bezoekers zijn maar vanuit het product dat ze willen verkopen of vanuit hun eigen elitaire wereldje. As if these people don’t deserve access to what they want, even if what they want is crap. And that’s my job to decide. Not Amazon’s job or Netflix’s or Godin’s.

Wat mij betreft heel herkenbaar, hier niet zozeer vanwege Netflix maar vanwege wethouders en adviesbureaus die geen flauw benul hebben van de dagelijkse bibliotheekpraktijk maar wel een uitgesproken mening hebben over wat de bibliotheek doet of zou moeten doen.

Daar word ik wel eens verdrietig van. Maar ik ben blij dat ik nu een kameraad in de strijd heb gevonden.  I see the war on the horizon. I see the battle here at our door. And the fight has been going on for years, as this is now 14 AG (Anno Google), and librarians have had to convince others of our relevance since the birth.

Inmiddels weet ik dat de Censored Genius niemand minder is dan The effing librarian (voor wie het niet door heeft: het is een Amerikaan en met effing bedoelt hij een heel vies woord dat met een f begint…). Hij is vorig jaar gestopt met bloggen maar kon het toch niet laten om af en toe nog eens van zich te laten horen dus hij is weer een nieuw klein blogje begonnen. Fijn. Heb ik weer iets om naar uit te kijken. Dank je wel Edwin, voor de tip.

En dankzij Biboef wil ik nu een T-shirt met: Wie is hier nou de bibliotheek, gij of ik?

De onvol-prezen Wim Keizer wees me er op dat een van de voorgestelde scenario’s van de Strategie-commissie van de VOB een wel heel mooie naam heeft. Namelijk Ten aanval.

De commissie heeft tijdens de Biblio-theek tweedaagse drie verschil-lende scenario’s gepresenteerd en er met de leden over gediscussieerd, volgens het verslag :

Scenario 1 was het ‘Wil de laatste gebruiker het licht uitdoen?’ scenario. Sjaak Driessen schetste in een emotievol betoog de laatste stuipbewegingen van de bibliotheek. Alles, echt alles geprobeerd, niks werkte. 

Scenario 2. Dit was het ‘Ten aanval’ scenario. Chris Wiersma hield het publiek voor dat als je maar strijdvaardig en trots genoeg bent, de bibliotheek het wel zal halen. Churchill was zijn grote voorbeeld. Nederland leest werd omgedoopt in Nederland lees! De bibliotheek in het beschavingsoffensief.

Scenario 3, het Richard Bransonmodel. Van alles business maken. Christine Kempkens schetste het beeld van de bibliotheek als Stadsacademie. De bibliotheek als landmark waar de klant zich koning voelt. En waar kennis en wijsheid in een goede atmosfeer voorhanden zijn. In dit scenario wordt gezocht naar nieuwe ruimte en niches. Niet een groter stuk van de taart, maar een grotere taart.

Uiteraard ben ik zeer vereerd met deze erkenning door de Vereniging :-) maar mag ik toch een kritische opmerking maken? Het zijn namelijk nogal ongelijkwaardige scenario’s, of beter gezegd: het zijn er maar twee. Namelijk: doe niks en leg je erbij neer dat de bibliotheek ten dode is opgeschreven of profileer je en ga op zoek naar nieuwe markten en een nieuw publiek. De “Ten aanval” optie is geen scenario maar een houding. Een houding die vanzelf spreekt, of in elk geval zou moeten spreken. Maar met alleen maar trots en strijdvaardig zijn kom je er niet, je zult met al die strijdlust toch ook iets moeten doen want heel strijdvaardig niets doen komt neer op scenario een.  En met wél iets doen kom je vanzelf bij strategie drie uit lijkt me. Ga erop uit, zoek je publiek op: Niet een groter stuk van de taart, maar een grotere taart. Alle ingredienten voor die taart liggen er al, de bibliotheek hoeft de taart alleen nog maar te bakken…

Jammer dat in het verslag van Maastricht alleen maar staat dat het een constructieve discussie was en niet wat de teneur ervan was. Ik ben heel benieuwd wat de volgende stap van de Strategiecommissie zal zijn. Deze enige echte Tenaanval houdt zich aanbevolen voor input.

In zijn nieuwe nieuwsbrief, die niet meer Nieuwsbrief mag heten maar nu Wat Wim Weet heet, beschrijft Wim de drie scenario’s overigens ook mét een verwijzing naar mijn blog.

Action figure Deluxe

15 januari 2011

Er bestond al een Librarian Action Figure: een vrouwtje met grijs haar in een tuttig blauw mantelpak en een knopje op haar rug waarmee ze een amazing shushing action kon uitvoeren. Ze wordt geleverd met een stapeltje boeken en twee boekenleggers.

Aan de ene kant natuurlijk een eer om naast Oscar Wilde en Shakespeare in de boekhandel te staan (die hebben ook hun eigen action figure) maar waarom moet dat zo lelijk? De Amerikanen denken daar anders over, want dit poppetje is uitverkocht. Er is een nieuwe, herziene versie gemaakt: de Deluxe Librarian Action figure.

 Veel hipper: met een rood mantelpakje en jawel: een computer! Yeah…. En met nog meer boeken. Het lijkt alsof ze wat vriendelijker kijkt en alsof haar haar wat minder grijs is. Misschien heeft Nancy Pearl er over geklaagd dat ze haar zo lelijk hadden gemaakt.

Want daar is ze blijkbaar op gemodeleerd: Nancy Pearl is een Amerikaanse bibliothecaresse, bedenkster van One city, one book (het voorbeeld voor Nederland leest) en landelijk bekend vanwege haar leesadviezen.  Dat is dan wel weer mooi, die bekendheid, maar bij het poppetje blijf ik me afvragen waarom het zo lelijk moet zijn. Ik ben een minderheid geloof ik want ik heb het oude poppetje al op heel wat foto’s van bibliothecarissen zien staan. En ja, die ieniemini boekjes zijn ook wel heel schattig eigenlijk.

Ze heeft in ieder geval geen knotje, valt weer mee…

Beeld van “het vak”

13 januari 2011

Eindelijk! Een show in het leven waar gewone, hardwerkende mensen ook ’n keer kunnen laten zien dat ze de beste van Nederland zijn. Niks geen zingen en dansen enzo. Het mag soms best ‘n onsje meer zijn. Daarom gaat Valerio Zeno eerst op zoek naar de Beste Slager van Nederland.

En daarna naar de beste loodgieter, banketbakker, timmerman  en kapper. De Beste is een tvprogramma van BNN waarin jonge vakmensen in een afvalrace moesten laten zien hoe goed ze rollades konden maken en kasten konden timmeren. Leuk en informatief.

Het heerst, dat soort programma’s. De BBC is bezig met een programma van (topkok) Michel Roux die met zijn programma Service jonge mensen zoekt en opleidt om te werken in een restaurant. Hij laat zien dat het een eer is om in de dienstverlening te werken, in tegenstelling tot de uitstraling van een heleboel horecapersoneel in Nederland.

Al kijkend naar de BNN show probeerde ik me voor te stellen dat zo’n programma over bibliothecarissen zou worden gemaakt. Wat voor opdrachten zouden ze dan verzinnen? Nou zie ik dat nog niet zo snel gebeuren, want het vak van bibliothecaris is minder zichtbaar en ook minder fotogeniek, maar ik vraag het me toch af. Wordt het dan een soort quiz, met hersenkrakers die binnen een bepaalde tijd moeten worden opgelost? Of wordt er gekeken wie het beste een prentenboek voorleest aan een groep kleuters met ADHD?

Het filmpje hierboven is al van maart 2009, gemaakt door ECABO. Het is een aardig filmpje (“om 10 uur beginnen is wel relaxed”) maar de beroepseer spat er nou niet echt van af. Dat was ook niet de bedoeling van dit  filmpje, dat weet ik wel, maar dat zou toch wel leuk zijn geweest. Ik zou niet weten hoe het dan wel moest, iemand een suggestie?

Ik zag dit filmpje eerder deze week op het blog van Edwin en de commentatoren maakten zich vooral vrolijk over de suggestie in de inleiding van deze film dat mensen naar Ikea of MacDonalds gaan om te ontsnappen aan de drukte van alledag. Over het filmpje zelf werd nogal spottend gedaan. 

Maar volgens mij is het heel serieus bedoeld door De Bibliotheek Nederland en daarom wil ik er ook serieus op ingaan. Ik vind dit een shockerend slecht filmpje. En wel hierom:

De toonzetting van de film is helemaal fout. Het filmpje is volgens de site bedoeld voor het informeren van partners en stakeholders, dus het zou wervend en informerend moeten zijn. In plaats daarvan worden er nogal wat boude uitspraken gedaan en grote woorden gebruikt die er meer op gericht lijken te zijn om de kijker angst aan te jagen dan om te informeren. Een paar citaten:

Bibliotheken zijn van oudsher succesvol maar hebben in de loop der jaren onvoldoende ingespeeld op de veranderingen in de maatschappij. Zó, dat is nogal een uitspraak. Het bewijs daarvoor wordt volgens de voice-over geleverd door de teruglopende ledenaantallen en uitleningen. Dat laatste is onmiskenbaar waar, maar komt dat niet omdat de ontwikkelingen in de moderne informatie maatschappij zo snel gaan dat de bibliotheken moeite hebben om ze bij te houden? Komt in de kern misschien wel op hetzelfde neer, maar het accent ligt toch net iets anders en het is de toon die de muziek maakt.

De bibliotheek is in de beeldvorming van klanten onderdeel van één keten, van één concept. Echter kent de bibliotheek verschillende leveranciers… etc. Niet alleen de grammatica in deze twee zinnen klopt niet, de inhoud is ook niet juist. De bibliotheek is de bibliotheek. Is je eigen bibliotheek, waar jij altijd naar toe gaat. En je wil best nog wel begrijpen dat het buurtfiliaal waar jij altijd komt hoort bij de centrale in het centrum als je in de stad woont maar dat de bibliotheek bij jou in het dorp iets te maken heeft met die van drie dorpen verder zal je echt worst zijn. De bibliotheek is geen keten in de beeldvorming, maar een op zichzelf staand ding. Net zoals jouw school ook jouw school is. Dat die onder hetzelfde bestuur valt als nog een heleboel andere scholen kan je als leerling niks schelen, het is jouw school.

Na de eerste minuut gaat het filmpje opeens niet meer over herkenbaarheid maar over kosten besparen en efficiency en daarna opeens weer over concepten en formules. En over hoe fijn het is dat klanten nu meer en ander materiaal meenemen (meer materiaal a la, maar ander? Waarom zou je dat willen?). Wat is nou de bedoeling van De Bibliotheek Nederland? En van dit filmpje? All of the above neem ik aan, maar zeg dat dan. Nu is er geen duidelijke boodschap maar zwalkt het verhaal. Aan het einde worden wel opeens hele concrete doelstellingen genoemd (20 % meer uitleningen, 10% meer leden) maar is dat een van tevoren opgesteld doel of is dat gebaseerd op de ervaringen in Zwolle-Zuid? Het verhaal schiet alle kanten op en je blijft als kijker achter met meer vragen dan antwoorden.

Wat betreft de vorm: toen ik het filmpje voor het eerst zag dacht ik echt dat het een parodie was. Ik verwachtte ieder moment dat Owen Schumacher (van Koefnoen) in beeld zou komen om een quasi-hippe bibliothecaris te persifleren. Maar helaas, het is bloed serieus. Tip voor de volgende keer: zoek een voice-over die het woord bibliotheek niet uitspreekt alsof het een moeilijk woord is.

Ik vraag me af hoeveel bibliothecarissen bij het maken van dit filmpje betrokken zijn geweest. En met bibliothecarissen bedoel ik in dit geval mensen die in een bibliotheek werken en die daar daadwerkelijk contact hebben met bezoekers. Voor wie leners een gezicht hebben en geen cijfers in een Excel sheet zijn. Volgens mij is het o.a. daar mis gegaan bij het maken van deze film: de bedoelingen waren vast goed maar op basis van te weinig kennis zijn filmmakers aan de gang gegaan en ze zijn vervolgens niet voldoende gecorrigeerd. Daar zijn vast allerlei excuses voor te verzinnen, maar als je met zoveel aplomb over de branche praat moet je dat wel waarmaken.

Misschien ben ik extra kritisch omdat ik het niet eens ben het uitgangspunt dat het doel van de bibliotheek is om zoveel mogelijk boeken uit te lenen. Dat doet volgens mij niets af aan de vormbezwaren tegen deze film. Maar misschien neem ik het ook allemaal veel te serieus, dat zou ook kunnen.

Op de Eerste Hulp

2 december 2010

Kijk zo kan het ook. De boekbinders van de Harold B. Lee Library hadden een heel informatief filmpje kunnen maken over hun werk, maar ze maakten dit. Een parodie op de begintitels van E.R. (voor de niet tv-kijkers: een populaire tv-serie waar George Clooney ooit zijn carriere begon).

En dit is hun toelichting: We help good books get better! The book repair department at the Harold B. Lee Library at Brigham Young University works tirelessly to mend, repair, revive, and bring books back to life.

Hoezo, werken in de bibliotheek is saai?